Leestijd: 3 minuten

Flitsverslag

NVB Topdebat: Woningbouwopgave is van ons allemaal

Geschreven door Paula van Dijk op 7 Mei 2018

De enorme bouwopgave waar we momenteel voor staan stelt ons voor de vraag wáár we die 1 miljoen woningen moeten gaan bouwen. Hiermee komen we al gauw terecht in een groen-rood discussie die vaak gepaard gaat met de nodige weerstand en emoties. Tijdens het NVB Topdebat op 23 april 2018 gingen we juist op zoek naar de ‘gulden middenweg’.

“Want met alleen binnenstedelijk bouwen redden we het niet”, opende Minister Ollongren de middag. “Men zal dus moeten kijken naar de randen van de stad. En daar moeten we niet mee wachten tot alle binnenstedelijke plekjes volgebouwd zijn, want dan zijn we te laat.” Aanwezig was een gemêleerd gezelschap van projectontwikkelaars, woningcorporaties, financiële instellingen en landelijke, provinciale en gemeentelijke bestuurders. Allen voelen de druk om te bouwen. Onder leiding van dagvoorzitter Jan Bart Wilschut werd het debat gevoerd over dit omvangrijke en complexe vraagstuk.

Aanjaagfunctie voor Het Rijk

In de afgelopen jaren is de vraag naar woningen in de stad toegenomen en die vraag zal de komende jaren alleen maar verder toenemen, beaamde ook de minister. “Nu is nog sprake van een forse inhaalvraag veroorzaakt door de crisis, maar structureel is er een vraag naar 1 miljoen woningen tot 2040. Dat is écht heel veel. Gelukkig wordt er op dit moment ook al veel gebouwd. Dat moet ook, want de urgentie is groot. We kunnen de nieuwe generatie niet nog decennia laten wachten op een betaalbare woning.” De ruimtelijke ordening is in de afgelopen jaren gedecentraliseerd. “Den Haag is dus niet meer aan zet. Wel kunnen we sturen, helpen en stimuleren. Maar daarmee alleen redden we het niet. De sector zelf zal moeten komen met innovatieve oplossingen om te verdichten, herbestemmen en te vervangen. Waar regelgeving knelt is, Den Haag aan zet om deze beknelling weg te nemen.”

Louter binnenstedelijk niet haalbaar

En hoewel verdichten, herbestemmen en vervangen een belangrijk deel van de opgave zullen uitmaken, is de opgave daar niet mee te bereiken, blijkt ook uit cijfers van Brink Management / Advies. Marleen Hermans liet zien hoeveel woningen we in het rood kunnen bouwen, wanneer woningbouw prioriteit heeft. Dus wanneer het ook ten koste mag gaan van sportverenigingen en volkstuintjes. “Afgezien van de wenselijkheid komen we zelfs dan nog maar op 550.000 woningen máximaal”, lichtte ze toe.

Gemeenschappelijke verantwoordelijkheid

In een paneldiscussie benadrukte Paul Hilbers (Directeur De Nederlandsche Bank) het belang van een gezonde woningmarkt voor de Nederlandse economie en financiële stabiliteit. We hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid. “Frankrijk regelt het woningbouwbeleid daarom centraal”, aldus Walter de Boer (CEO BPD Europe BV). Marije Eleveld (Directeur-bestuurder woningcorporatie BO-EX, Utrecht) vindt het de taak van gemeenten om steden bewoonbaar en leefbaar te houden. Voor de minister is ‘samenwerken’ het sleutelwoord. Wie kan wat doen? De bouwopgave is van ons allemaal. Een mooi voorbeeld hiervan is de Woonkeuken van de Provincie Overijssel, dat werd uitgelicht door gedeputeerde Monique van Haaf; Bouwers, ontwikkelaars, makelaars en lokale bestuurders gaan ‘aan de keukentafel’ met elkaar in gesprek om de behoeften scherp te krijgen en samenwerkingsverbanden te creëren. 

NVB-directeur Nico Rietdijk vatte de dag samen met de boodschap dat we goed naar de toekomst moeten blijven kijken. “Plan vooruit en plan realistisch, zodat de bouwproductie niet wordt vertraagd.” In september organiseert NVB een volgend Topdebat om verdere stappen te maken in dit ingewikkelde dossier.