Leestijd: 2 minuten

Stel Bouwwet niet te lang uit, verduidelijk hem liever

29 Juni 2017

In een brief aan de Eerste Kamer vraagt NVB het wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen niet uit te stellen tot de invoering van de Omgevingswet. Wel moet een aantal onduidelijkheden worden opgehelderd voordat we beginnen. “De investeringen die gemeenten doen in hun Bouw- en Woningtoezicht staan al jaren stil omdat iedereen wacht op de nieuwe wet”, aldus Coen van Rooyen, jurist NVB.

NVB is vanaf de eerste berichten over de nieuwe Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen erg kritisch, omdat het vertrekpunt van de wetgever – namelijk dat de kwaliteit in de bouw ondermaats is en dat dit probleem kan worden opgelost door ander toezicht en een andere aansprakelijkheidsverdeling – door NVB-leden niet wordt ondersteund. “Hoewel de parlementaire behandeling de indruk kan geven dat het in Nederland erg slecht gesteld is met de gebouwde omgeving, is het in Nederland niet de regel, maar de absolute uitzondering dat er iets mis gaat”, benadrukt Van Rooyen. Natuurlijk is er op diverse vlakken verbetering mogelijk, maar het is met deze maatregelen maar zeer de vraag hoe die voorgestelde middelen dat doel zullen bereiken. In het verleden heeft NVB meerdere brieven aan zowel de minister als aan de Kamerleden gestuurd, op basis waarvan gelukkig ook zaken uit het eerdere wetsvoorstel zijn verbeterd. Dat is echter geen reden om op de rem te gaan staan. “Het privatiseren van toetsing en toezicht maakt ook dat daarvoor geen leges meer in rekening gebracht kunnen worden. Ook zorgt de wet dat voor een wijziging in het bouwplan niet opnieuw een vergunning hoeft te worden aangevraagd.”

“Het is in Nederland gelukkig eerder uitzondering dan regel dat er iets misgaat bij de bouw”

Uitstellen onverstandig

Hoewel NVB dus begrip heeft voor partijen die vragen om het uitstellen van de wet, acht NVB dat onverstandig. “In sommige gemeenten staan de investeringen in de afdelingen BWT al jaren op een laag pitje, omdat men afwachting is van de nieuwe wet”, aldus Coen van Rooyen. “Voor de kwaliteit hoeft men hierbij niet te vrezen, omdat bouwbedrijven vooruitlopend op de wet in toenemende mate leunen op hun eigen kwaliteitsborgingssystemen, maar het is wrang om als bedrijf enerzijds te investeren in eigen kwaliteitsborging om vervolgens ook nog eens leges te moeten betalen voor een onderbezette afdeling BWT.”

Ondoordachte elementen

Helaas werd er tijdens de behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer – letterlijk op de valreep - nog een aantal ondoordachte bepalingen aan het wetsvoorstel toegevoegd. Zo moet straks niet alleen aan het Bevoegd gezag een dossier overhandigd worden, zoals aanvankelijk het plan was, maar moet ook aan de eindgebruiker een consumentendossier beschikbaar gesteld worden. Dit leidt tot een substantiële verhoging van de administratieve lasten. Ook is aan de wet de bepaling toegevoegd dat als de kwaliteitsborger tijdens de bouw een probleem constateert, hij hier ook de consument van op de hoogte moet brengen. Juist omdat op dat moment het bouwwerk nog niet is opgeleverd en problemen op basis van de aanwijzingen van de kwaliteitsborger op dat moment nog kunnen worden hersteld, lijkt het NVB onnodig om in die fase ‘paniek te zaaien’ bij de consument.

Klik hier voor de brief van NVB aan de Eerste Kamer.